Resultaten
In december 2002 zijn de resultaten van een pilotonderzoek gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG). In 2003 zijn de resultaten van een ander onderzoek gepubliceerd in Kind en Adolescent. De resultaten van een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek zijn onlangs gepubliceerd in European Child and Adolescent Psychiatry.
Uit alle onderzoeken blijkt dat, bij meer dan 60% van de deelnemende kinderen met gedragsproblemen, voeding de oorzaak kan zijn van ADHD en ODD.
Na het PVG-onderzoek zijn er twee mogelijkheden:
-
Kinderen die met grote gedragsverbeteringen reageren op het PVG-onderzoek, kunnen verder gaan met een vervolgonderzoek.
-
Kinderen waarbij het gedrag niet verbetert, worden doorverwezen naar hun behandelend arts of huisarts voor verder onderzoek en/of medicatie.
1. Het gedrag van uw kind verandert door het dieet
Wanneer het gedrag van uw kind verbetert tijdens het onderzoek, dan is het zeer waarschijnlijk dat voeding een belangrijke rol speelt als oorzaak van de gedragsproblemen. Uw kind mag nu deelnemen aan een vervolgtraject, het vervolgonderzoek.
Tijdens dit vervolgonderzoek wordt uitgezocht op welke voedingsmiddelen uw kind reageert. Het dieet wordt langzaam maar zeker steeds verder uitgebreid. Dit gebeurt aan de hand van gesprekken met de ouders, waarin ook de wensen van het kind besproken worden. Om de vier weken vinden deze gesprekken plaats. Het is dus nooit de bedoeling dat kinderen eindeloos het PVG-dieet blijven volgen. Na het vervolgonderzoek weten we op welke voedingsmiddelen elk kind reageert. Alleen deze voedingsmiddelen moeten dan zoveel mogelijk vermeden worden. Verder mag het kind dus weer alles eten. De uiteindelijke voedingsbeperkingen zijn dus gelukkig gering, uw kind kan aan het eind van het vervolgonderzoek weer zo normaal mogelijk eten.
2. Het gedrag van uw kind verandert niet
Wanneer het gedrag van uw kind niet verandert tijdens het dieetonderzoek, dan is voeding niet de oorzaak van de gedragsproblemen. Het kind mag weer alles eten. In overleg met de ouders en aan de hand van de onderzoeksgegevens wordt voor deze kinderen tijdens het derde consult een individueel plan opgesteld voor verder onderzoek. Dit kan bijvoorbeeld onderzoek zijn naar leerproblemen, leerstoornissen, neurologisch of ander onderzoek.
Voor verder onderzoek wordt u altijd doorverwezen naar een arts of hulpverlenende instantie bij u in de regio.
Voor die kinderen waarbij uiteindelijk geen duidelijke oorzaak voor de gedragsproblemen gevonden wordt, zijn tegenwoordig gelukkig goede medicijnen voorhanden.
Het is dus absoluut niet de bedoeling dat kinderen gedurende lange tijd het PVG-dieet blijven volgen: ofwel er wordt gestart met een vervolgonderzoek waarbij het dieet weer wordt uitgebreid, ofwel het kind mag weer alles eten en wordt doorgestuurd naar de behandelend arts of huisarts.

